Commissie van Overleg Sectorraden column
|
|
|
Home COS Sectorraden Coördinatie- fondsstudies Nieuw(s) Internationalisering Publicaties Columns Contact Links |
Recente columns
Koester de hypotheekrenteaftrek Column Henriëtte Maassen van den Brink De geesten worden rijp gemaakt voor afschaffing van de hypotheekrenteaftrek. Een werkgroep van de PvdA bepleit op korte termijn het maximumtarief van de hypotheekrenteaftrek te beperken tot 42 procent en op langere termijn de aftrek geheel te schrappen. Voorstanders van afschaffing, zoals de Nederlandsche Bank en de Oeso, doen voorkomen alsof de hypotheekrenteaftrek onhoudbaar is geworden. Nederland moet in de pas lopen met andere landen waar de hypotheekrente niet aftrekbaar is, zo wordt geredeneerd. Soms wordt ook de suggestie gewekt dat Nederland nog het enige land is waar de hypotheekrente mag worden afgetrokken. Dat is onjuist. Zo is in de Verenigde Staten de hypotheekrente volledig aftrekbaar tot een maximum van een miljoen dollar. In de VS bestaat geen enkele politieke steun om dit te beperken of af te schaffen. Binnen de EU kennen België, Italië en Zweden beperkte mogelijkheden voor aftrek van hypotheekrente. De afgelopen jaren is in ons land de hypotheekrenteaftrek al flink beperkt. Sinds 2001 kan de rente van hypotheken die afgesloten worden voor consumptieve doeleinden niet meer worden afgetrokken, is alleen nog de rente voor het eerste huis aftrekbaar, en is de hypotheekrente nog maximaal 30 jaar aftrekbaar. Voorstanders van afschaffing betogen dat de hypotheekrenteaftrek leidt tot een stijging van de huizenprijs. Maar eind jaren zeventig daalden de huizenprijzen ondanks de hypotheekrenteaftrek. Een belangrijker reden voor de stijging van de huizenprijs is dat het aantal nieuwgebouwde woningen sterk gedaald is. Beperking van het aanbod van woningen en een toename van de vraag leiden tot prijsstijgingen. De vraag naar koopwoningen stijgt door de lage rentevoet, de stijging van het besteedbaar inkomen door de toename van het aantal tweeverdieners en doordat er steeds meer een- en tweepersoonshuishoudens zijn gekomen. Voor een oordeel over de wenselijkheid de hypotheekrenteaftrek af te schaffen is het goed nog eens te bezien waarom de hypotheekrenteaftrek in 1893 in het leven is geroepen. Over rente-inkomsten uit spaartegoeden moet belasting worden betaald. Dan is het redelijk dat rente-uitgaven kunnen worden afgetrokken van de belasting. De tweede belangrijke reden is de bevordering van het eigenwoningbezit. Het kapitaal dat in het eigen huis is geïnvesteerd, vormt voor veel mensen onderdeel van hun pensioenvoorziening. Daarnaast zijn er maatschappelijke voordelen aan bevordering van het eigenwoningbezit. Het draagt bij aan een grotere sociale cohesie in wijken. Huizenbezitters onderhouden hun eigendom beter dan huurders. Eigenaren investeren meer in de buurt waarin ze wonen, hebben meer contacten met buurtbewoners en zetten zich meer in voor de buurt. Huiseigenaren hebben daar belang bij, want een goede buurt verhoogt de waarde van het huis. Niet voor niets proberen gemeenten de verloedering van sociale-achterstandswijken te keren door meer koopwoningen te bouwen. De hypotheekrenteaftrek heeft bijgedragen aan de toename van het aantal mensen met een eigen woning. Van een magere 29 procent in 1956 is het aandeel eigenwoningbezit toegenomen tot 55 procent in 2005. Echter, in veel landen ligt het eigenwoningbezit hoger dan bij ons. In Zweden leidde de beperking van de hypotheekrenteaftrek in 1991 tot een diepe recessie. In de twee jaren na afschaffing daalde daar het bnp met 4 procent, de reële consumptie met 5 procent en de werkgelegenheid met 11 procent. De huizenprijzen gingen met circa 30 procent omlaag. Om ons te voegen naar het belastingregime in andere landen moeten wij niet bereid zijn deze prijs te betalen en een van de effectiefse instrumenten om sociale cohesie in buurten te bevorderen uit handen te geven. Henriëtte Maassen van den Brink is hoogleraar empirische arbeidseconomie Universiteit van Amsterdam. |
|
Rijnstraat 50
2515XP Den Haag Postbus 16375 IPC 5200 2500BJ Den Haag Tel +31 (0)70 412 2871 Fax +31 (0)70 412 2003 p.morin@minocw.nl |
|